submenu

Interview: Dwars door Linkebeek - 11/10/2018

Geoffrey Holemans en Mieke Vandenbroucke

Achter elke deur schuilt een verhaal. Dat is het motto van de reeks Dwars door Linkebeek. Deze keer belanden we in de Stationsstraat bij Mieke Vandenbroucke en Geoffrey Holemans, en hun zoontje Tibo.

In Dwars door Linkebeek doorkruisen we de gemeente. Gewapend met pen, papier en een stratenplan bellen we aan bij willekeurige mensen in willekeurige huizen in willekeurige straten. Het vraagt soms wat overredingskracht om mensen te overtuigen hun verhaal te doen, maar deze keer niet. We belanden bij twee trouwe lezers van sjoenke: Mieke Vandenbroucke (43) en Geoffrey Holemans (32). Ze laten ons met plezier binnen. Ze wonen in een oud rijhuis – ‘ergens van voor de Tweede Wereldoorlog’ – in de Stationsstraat, dat ze enkele jaren geleden helemaal hebben laten renoveren. Mieke woont sinds 2011 in het huis.

Geoffrey trok drie jaar later bij haar in. ‘Het is hier niet groot, maar wel praktisch’, zegt Mieke haast verontschuldigend. ‘Ik ben hier komen wonen toen ik nog alleen was. Nu woon ik hier met Geoffrey en Tibo, ons zoontje van drie jaar.’

Vaarwel zee
Mieke noch Geoffrey zijn afkomstig van Linkebeek. ‘Ik ben van Veurne’, zegt Mieke. ‘In 2000 heb ik mijn geboortestreek vaarwel gezegd. Ik ben kleuterleidster, maar ik vond geen werk in die regio. Bovendien trokken al mijn vriendinnen naar het centrum van het land. Ik ben toen naar Leuven verhuisd. Nadien heb ik ook in Antwerpen en Brussel gewoond, in huizen van De Ark. Daar woonden zowel mensen met als zonder beperking.

Een heel fijne tijd, met bewoners uit verschillende landen. ’Het waren collega’s van Mieke die haar naar Linkebeek brachten. ‘Ik werkte in een school in Ukkel, en enkele collega’s woonden in Linkebeek. Ik zocht iets dichter bij het werk. Want zelfs vanuit Brussel was ik met de trein lang onderweg. Mijn collega’s vertelden dat het in Linkebeek fijn wonen is. Zo ben ik op dit huis gebotst. Ondertussen werk ik in Vorst. Dat is vlakbij. Ik ga met de fiets naar mijn werk. Lekker gemakkelijk. Ik mis de zee ook niet echt. Ik was er een beetje op uitgekeken denk ik. Als toerist is de zee leuk, maar als je er woont, is dat toch anders. In de zomer is er veel volk, maar in de winter is er niets. Dus nee, ik heb geen spijt van mijn verhuizing.’ Geoffrey van zijn kant ruilde Keerbergen voor Linkebeek, omwille van de liefde. ‘Maar niet met tegenzin hoor’, lacht hij. ‘Ik hou van de groene omgeving. Net als in Keerbergen is het hier mooi om te wonen. Onze tuin is niet zo groot, maar we kunnen genieten van de bomen in de tuinen van de buren.’

Stamcafé de Moelie
Mieke en Geoffrey hebben het naar hun zin in Linkebeek. Geoffrey: ‘Je hebt hier alles, en alles is dichtbij. Een bakker, een slager, de post, winkels, cafés … En niet te vergeten: de Moelie. Daar komen we regelmatig. Het is ons stamcafé, maar we pikken er ook graag een concertje of optreden mee. Daar lezen we dan ook in sjoenke, en in de tijdschriften van de andere gemeenschapscentra. Tibo kennen ze daar ook al. Hij mag er met speelgoed spelen en is door de andere gasten graag gezien. Door kinderen leg je makkelijker contact met andere inwoners. Ook al omdat hij hier om de hoek naar school gaat. Via zijn klasgenootjes hebben we ook nieuwe mensen leren kennen.’ ‘Al moet ik zeggen dat het van in het begin heel vlot ging om contacten te leggen’, vult Mieke aan. ‘Zodra ik hier kwam wonen, leerde ik snel alle buren kennen. We hebben een goede band met iedereen in de buurt.’

Mobiliteit
Als het koppel dan toch een minpunt moet opsommen aan hun leven in Linkebeek, is het de mobiliteit. ‘Elke ochtend en elke avond staat er een file voor onze deur’, weet Geoffrey. ‘Er is veel sluipverkeer. Gelukkig kunnen we allebei met de fiets naar het werk. Ik werk op het provinciaal domein van Huizingen als seizoensmedewerker. Van 1 april tot eind september zit ik aan de kassa en rijd ik met het treintje door het park. Een heel fijne baan. In de wintermaanden zoek ik ander werk.’ ‘We rijden graag met de fiets, maar jammer genoeg is onze gemeente niet zo fietsvriendelijk. Er zijn geen goede fietspaden. Als we willen fietsen, moeten we bijvoorbeeld naar het Pajottenland. Ook de trottoirs zijn aan vernieuwing toe. Voor de rest valt er niet te klagen. Het Wijnbrondal en het Schaveyspark zijn zo mooi. We gaan ook graag wandelen. De tennisclub noemen we onze tweede tuin. Je hebt er bomen en een speelterrein: ideaal voor Tibo. Ook daar kennen ze hem goed.’ Het gezin voelt zich thuis in Linkebeek, maar zal dat ook zo blijven? ‘We willen hier niet snel weg’, zegt Mieke. ‘Soms dromen we wel van een groter huis met een grotere tuin in een rustige buurt. In het Pajottenland of zo. Maar ja, wie droomt er niet van een groter huis? Voorlopig zitten we hier perfect.’

Tekst: Wim Troch
Foto: Tine De Wilde
Uit: Sjoenke Oktober 2018