submenu

Marco Schetgen en Philippe Thiéry - 20/04/2020

‘Niets staat onze vriendschap in de weg’

Marco Schetgen (66) en Philippe Thiéry (62). Ooit waren ze elkaars schoonbroer. Vandaag zijn ze vooral vrienden. En twee Linkebekenaren in hart en nieren die graag tijd maken om bij Yvonne te praten over wat gisteren was, vandaag is en morgen kan worden.

Accent op sociaal engagement

‘We zijn meer dan vrienden’, zegt Marco. De toon voor een open en hartelijk gesprek tussen twee mannen is gezet.  ‘Ik was getrouwd met de zus van Philippe, maar noch mijn echtscheiding noch onze verschillende politieke overtuigingen staan onze vriendschap in de weg.’ Wat beide heren alvast gemeenschappelijk hebben, is een groot sociaal engagement. Naast zijn jarenlange loopbaan als leiding- gevende ambtenaar bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was en is Philippe nog altijd actief als voorzitter van het OCMW van Linkebeek. Daarnaast is hij lid van de raad van bestuur van La Maison, een instelling die jongeren met autisme begeleidt. ‘Dat sociale engagement heb ik van thuis meegekregen. Mijn vader, Roger Thiéry, is vele jaren burgemeester van Linkebeek geweest (1976-1989). Vandaag, 30 jaar na zijn dood, hoor ik nog altijd hoe dicht hij bij de mensen stond.’ Of Marco zijn sociaal engagement als huisarts en schepen van Linkebeek ook van thuis meekreeg? ‘Mijn sociale betrokkenheid is vooral tijdens mijn studententijd aan de ULB gegroeid. Het was in die periode dat de fundamenten voor mijn politieke engagement werden gelegd.’ Vandaag is Marco nog altijd actief aan de ULB als professor eerstelijnsgeneeskunde.

Linkebeek. Anno nu.

Hoe hebben beide heren Linkebeek doorheen de jaren zien evolueren? Marco ziet het als volgt: ‘Er zijn meer en meer mensen die hier wonen, maar hier niet leven. Toen ik hier in 1978 aankwam, waren de meeste mensen actief in het verenigingsleven. Vandaag beperkt zich dat tot een kleine kern van ongeveer driehonderd mensen. De meeste mensen werken overdag in Brussel en komen naar Linkebeek om te overnachten. Echt deelnemen aan het lokale sociale leven gebeurt steeds minder. Maar ondanks dat fenomeen vind je hier nog altijd de sfeer van een dorp.’ Philippe stemt in met wat Marco zegt. ‘Doorheen de jaren hebben wij een heel aantal zaken opgericht, zoals de scouts en het jeugdhuis Peter Pan. Het voelde alsof we pioniers waren die samen aan een gemeenschap bouwden. Vandaag stel je vast dat er op onze gemeenschapsvormende initiatieven van toen niet echt verder gebouwd wordt. Dat geeft een apart gevoel dat dicht in de buurt komt van hoe de autochtone Linkebekenaars zich indertijd gevoeld moeten hebben. Vroeger hoorde je die wel eens mopperen dat de echte spirit van Linkebeek verdwenen was. Ik denk dat ik nu beter begrijp wat ze daarmee bedoelden.’

Linkebeek is good for you

Eén ding is zeker: het toenemende individualisme heeft ook Linkebeek grondig veranderd. En toch blijft het een gegeerde plek waar veel mensen willen wonen. Dicht bij Brussel, omgeven door mooie natuur en een authentieke dorpskern. Als arts is Marco ervan overtuigd dat een dorp als Linkebeek goed is voor onze gezondheid. ‘Onderschat de druk van het stadsleven niet. De groene omgeving en kleinschaligheid van Linkebeek zijn niet alleen goed voor de fysieke, maar ook voor de mentale gezondheid. De anonimiteit mag dan toegenomen zijn, het contact met de gemeentelijke diensten, het OCMW en de mensen onderling is nog vrij persoonlijk.

Meer op mensenmaat. ’De term OCMW roept bij Philippe meteen een herinnering op aan de commissie van Openbare Onderstand (COO), het vroegere OCMW. ‘Ik hoor mijn vader nog vertellen hoe de vergaderingen van de COO plaatsvonden in een hoek van café Malakoff, op het Gemeenteplein. Daar werd en plein public besloten wie er recht had op een toelage in de vorm van kolen. Pas in 1977 kwam er een wet die voor meer discretie zorgde in verband met bijstand voor mensen in armoede.’

Armoede is actueel

Het brengt ons gesprek op het thema armoede. Een fenomeen dat zowel onze steden als dorpen steeds meer teistert. Ook Linkebeek ontsnapt niet aan dit sociale probleem. ‘Je kan er niet omheen dat steeds meer mensen hulp komen vragen bij het OCMW. Opvallend is dat het ook jongere mensen zijn. Vaak zie je dat ze door een tegenslag in financiële problemen komen. Ze hebben een zware lening lopen waarmee ze hun huis afbetalen. Het lukt ... tot een van de twee partners zijn werk verliest. Dat is vaak het moment waarop ze het niet meer aankunnen en hulp komen vragen bij het OCMW.’ Philippe voegt eraan toe: ‘Ook een echtscheiding kan mensen in de armoede drijven. Als alleenstaande  is je kans aanzienlijk hoger om in de armoede terecht te komen. Soms hoor je dat mensen de stad verlaten omwille van de hoge huurprijzen, tot ze vaststellen dat de huurprijzen in Linkebeek minstens zo hoog zijn. Armoede is een echt probleem waarvoor we onze ogen  niet mogen sluiten.’

Het beste van onze jonge jaren

Of de heren even een duik in hun jonge jaren kunnen nemen en ons kunnen vertellen welke onuitwisbare herinneringen boven komen drijven? Marco aarzelt geen moment. ‘Mijn eerste patiënt die  ik in mijn dokterspraktijk in Linkebeek mocht verwelkomen. Ik was toen 25 jaar en net afgestudeerd. Een hele eer vond ik het dat iemand bij mij kwam voor medisch advies. Het was een politieman. Iemand die ik niet zal vergeten.’ Bij Philippe komen beelden van zijn tijd in jeugdhuis Peter Pan naar boven. Het klinkt alsof het de tijd van zijn leven was. ‘Van mijn 16e tot mijn 30e kwam ik er heel vaak. Het was ons stamcafé. Wij gingen niet uit in Brussel, maar kwamen samen in Peter Pan. Het was de plek waar we, als jongeren onder elkaar, gedachten uitwisselden, naar films keken en grote plannen smeedden. We hebben er veel tijd doorgebracht en ook heel wat gedronken. Volgens de brouwer waren we de tweede grootste afnemer van het bier Vieux Temps in de regio.’ (lacht)

Sjoenke. Ook populair bij de Franstaligen?

Tijdens het hele gesprek drukken beide Franstalige Linkebekenaars zich probleemloos uit in het Nederlands. Bij Philippe ligt een deel van de verklaring voor zijn mooie Nederlands in het kleuteronderwijs. ‘Waar nu de Moelie gevestigd is, was vroeger een kleuterschool van de zusters. Daar ben ik als kleuter naartoe gegaan en heb ik blijkbaar een beetje Nederlands opgepikt.’ Marco vult aan met een pittig detail. ‘Sinds enkele jaren gebeurt het regelmatig dat we na de gemeenteraad iets gaan drinken in het Nederlandstalige gemeenschapscentrum de Moelie. Het is trouwens geen uitzondering dat een Franstalige Linkebekenaar deelneemt aan een activiteit die de Moelie organiseert. Ook het blad sjoenke wint bij de Franstaligen aan populariteit.’ Zou het kunnen dat de kloof tussen de Nederlands- en de Franstalige gemeenschap in Linkebeek kleiner is dan we geneigd zijn te denken? ‘Wij hebben het geluk dat onze lagere school een gemeenschappelijke speelplaats heeft waar de Nederlands- en Franstalige leerlingen elkaar kunnen ontmoeten. Zo komen we al op jonge leeftijd spontaan met elkaar in contact.’

Forever young?

Ondertussen is het 15.30 uur. Marco geeft aan dat het tijd is om naar zijn praktijk te gaan. Het plichtsbewust zijn dat hem als student typeerde, heeft hem ook nu nog niet verlaten. Na een hartelijk afscheid is het tijd voor een laatste vraag aan Philippe, die begin dit jaar met pensioen ging. Weet hij al hoe hij het nieuwe hoofdstuk in zijn leven gaat invullen? ‘Je zou denken dat ik nu veel vrije tijd heb, maar dat is een illusie. Mijn agenda is meer dan ooit gevuld. Met 4 kinderen en 6 kleinkinderen is er altijd wel iets te doen. Verder wil ik me blijven inzetten voor de gemeenschap. Dat mijn ouders me destijds in een sociaal bad hebben ondergedompeld, bepaalt nog steeds in grote mate wie ik ben. Ook vandaag, nu ik gepensioneerd, maar daarom niet minder geëngageerd ben. En natuurlijk wil ik ook nog tijd maken om samen met mijn echtgenote, die ik vele jaren geleden in Peter Pan leerde kenen, de vleugels uit te slaan en de wereld te verkennen.’

Tekst: Nathalie Dirix
Foto: Tine De Wilde
Uit: sjoenke april 2020