submenu

Tinne Moorkens op kleuterstage in Senegal - 18/05/2020

Vervroegd naar huis

Derdejaarsstudente kleuteronderwijs Tinne Moorkens trok begin februari met vijf andere studenten naar Senegal voor een buitenlandse stage. Normaal zouden ze er tot begin april blijven, de coronaperikelen niet meegerekend.

Door het coronavirus moest de groep studenten van de Belgische ambassade en de hogescholen zo vlug mogelijk terugkeren. Tinne: ‘We moesten snel zijn, want de luchthaven van Dakar ging sluiten. We waren vroeg op de luchthaven in de hoop nog op een vlucht van Brussels Airlines te geraken. Maar alle vluchten zaten vol. Het werden stressvolle dagen. Op maandag en dinsdag konden we ook niet mee. Woensdag was onze laatste kans. Als we dan geen plaats hadden, zaten we vast voor minimum een maand. Dankzij de inspanningen van Brussels Airlines en de inzet van Sunu Senegal (de organisatie waarmee we in Senegal waren) is het uiteindelijk toch gelukt. De Belgische diplomatie liet ons in de steek.’

Vandaag heeft Tinne regelmatig contact met haar gastmama en met de muziekleerkracht van de school. ‘We hebben zo veel plezier gemaakt met deze mensen dat ik ze niet zomaar kan vergeten. Het zijn echte vrienden geworden. Naast de school en de gastfamilie heb ik ook nog contact met de andere studenten die er waren. We hebben alles samen beleefd, waardoor we nog altijd enorm hecht zijn. We sturen elke dag berichten naar elkaar of we bellen.’

Tinne vertelt dat de situatie in Senegal momenteel niet goed is. ‘Er zijn niet veel coronapatiënten en er zijn ook nog geen doden, maar de getroffen maatregelen van de president hebben wel grote gevolgen voor de bevolking. De grenzen, bedrijven, scholen … zijn gesloten. In een land waar mensen van dag tot dag leven is dat een ramp. Nu ze geen dingen meer mogen verkopen en ‘s avonds niet meer naar buiten kunnen, hebben ze geen inkomsten.’ Omdat de eerste besmette mensen in Senegal blanken waren, werden de Belgen gezien als de ‘inbrengers’ van het virus. ‘We werden aangesproken op straat, taxi’s wilden ons niet meenemen en sommige mensen liepen van ons weg’, vertelt ze.

Wat overblijft, zijn mooie herinneringen aan de ongerepte natuur, de typische Afrikaanse dorpjes, de hartelijkheid van de mensen, maar het afscheid hadden ze graag anders gezien. ‘In feite hebben wij alleen telefonisch afscheid kunnen nemen van ons gastgezin, van op de luchthaven’, betreurt ze. ‘Maar dat maken we later goed. Als de situatie opnieuw veilig is, gaan we allemaal terug. We wilden nog zo veel doen, meer dingen ontdekken.’

Terug naar de coronawerkelijkheid in België. Tinne: ‘Het is dubbel. Enerzijds ben ik bang om het virus te krijgen en door te geven aan mijn grootouders. Anderzijds verveel ik me dood. Ik was

voordien weinig thuis door mijn hobby’s en ook in Senegal waren we elke dag op pad. Het contrast is groot. Mijn grootste gevoel is nu: onzekerheid. Ik zou graag duidelijkheid krijgen over wat wanneer terug open zal gaan. Ik heb namelijk nog een eindstage in mei. Zal die kunnen plaatsvinden of niet? Wie zal het zeggen.’

Tekst: Hugo Devillé
Foto: Tinne Moorkens
Uit: sjoenke mei 2020