Oldtimerliefhebbers tonen hun pareltjes op Vintage Vehicle Day
11/09/26
Wie op zaterdag 4 oktober naar Hoeve ’t Holleken trekt, krijgt tijdens de vierde editie van de Vintage Vehicle Day tientallen bijzondere wagens te zien. Achter de blinkende klassiekers schuilt telkens een eigen verhaal, maar de eigenaars delen vooral een grote passie voor oude wagens. Van zelf sleutelen tot samen rondritten maken: voor hen is een oldtimer veel meer dan een vervoermiddel.
Op de foto van links naar rechts: Eric, Aurélien, Joëlle en Henri.
Het idee voor het evenement kwam destijds van Rik Otten – sinds jaar en dag met oldtimers bezig – en Joëlle Grimmeau. Nog altijd zijn zij de trekkers. ‘In Linkebeek zijn er best veel mensen die een oldtimer in hun bezit hebben. Daarop een getal plakken is moeilijk’, zegt Joëlle. ‘De eerste editie in 2016 telde een 70-tal voertuigen. En de meeste deelnemers van de Vintage Vehicle Day zijn afkomstig van Linkebeek. Of ze hebben via vrienden of familie een band met de gemeente. Bij de twee vorige edities in 2019 en 2023 lag het aantal voertuigen met 85 stuks nog hoger. Dat is ongeveer het aantal waar we voor deze editie op mikken. Veel meer kunnen we er hier op de Hoeve ook niet kwijt. Net daarom maken we bewust enkel in Linkebeek reclame.’
Zelf sleutelen
De liefde voor oldtimers heeft Joëlle doorgegeven gekregen via haar man Henri Goffin. Thuis hebben ze twee klassieke voertuigen staan: een MGB uit 1967 en een MG uit 2003. ‘Twaalf jaar geleden hebben we ons een oldtimer aangeschaft. Een vriend van mij had eerder toevallig een Triumph op de kop kunnen tikken. Nadien vroeg hij me of ik ook geen zin had om een oldtimer aan te kopen, om dan samen te kunnen rijden. Ik zag dat zitten, en mijn vrouw ook. Al wilde ik wel enkel een MGB, want mijn moeder had zo’n wagen toen ik jong was.’
Dat er wereldwijd nog zowat 200.000 exemplaren van het type rondrijden, is volgens Henri een voordeel. ‘Dat is een goede zaak voor wisselstukken. Alle onderdelen kan je nog in Engeland vinden. Wist je dat er zelfs ateliers bestaan waar ze die stukken nog maken?’, vertelt hij. Zelf probeert Henri ook geregeld de handen uit de mouwen te steken. ‘Ik heb via Touring een cursus gevolgd over hoe je oldtimers bij pech kan herstellen. Ik sleutel zelf een beetje aan mijn wagen. Al ga ik voor de meeste reparaties wel bij een gespecialiseerde garagist in Ukkel.’
Stevig prijskaartje
Ook Eric Verstraete laat het meeste sleutelwerk liever aan vakmensen over. Hij is sinds een viertal jaar eigenaar van een Porsche Boxster uit 1999. ‘Je moet weten dat bij dit type wagen de motor tussen de zetels en de wielen zit. Thuis kan je daar niet aan werken, daarvoor heb je een speciale brug nodig. Al heb ik voor het herstellen van de defecte stoplichten onlangs wel mijn zoon kunnen inschakelen.’
Die zoon, Aurélien, deelt de passie voor auto’s. ‘Ik wilde altijd al een cabriolet hebben. Zo zijn we samen op een beurs in Ciney beland waar enkele oldtimers stonden. Ik heb toen een niet al te hoog bod gedaan. Groot was onze verbazing toen achteraf bleek dat de wagen de onze was.’
Al bleek er nog flink wat werk aan de Porsche. ‘De wagen zou onder water hebben gestaan. Onze garagist in Eigenbrakel heeft gelukkig al veel kunnen herstellen, maar nog niet alles is klaar. Zo maakt de ophanging veel lawaai, maar dat herstellen is best prijzig. En dus wachten we nog even. Omdat de wagen nog niet heel oud is, lukt het onze garagist wel om stukken te vinden. Maar ja, het blijft een Porsche. Dus er hangt wel een prijskaartje aan vast.’
Ontspannende ritjes
Aurélien lijkt intussen zelf steeds meer de weg van de automechanica in te slaan. ‘Ik volg nu stage in de autogarage in Eigenbrakel’, zegt hij. ‘Auto’s en mechanica hebben me altijd geïnteresseerd. Ik ben net afgestudeerd aan de middelbare school. Als eindwerk heb ik ervoor gekozen om, samen met een neef van mijn moeder, een oude Volvo uit 1967 te herstellen. De school liet ons daar zeer vrij in. Dat heeft mijn interesse in oldtimers alleen maar aangewakkerd.’
Intussen mag Aurélien geregeld zelf met de Porsche rijden. ‘De eerste jaren dat we de wagen hadden, mocht dat natuurlijk niet. Ik had mijn rijbewijs immers nog niet en dan zat ik naast mijn papa op de passagiersstoel. Een zalige wagen om mee te rijden, zeker op een zonnige dag. En de auto doet veel hoofden draaien, moet ik bekennen.’
Toch blijft het aantal kilometers beperkt. ‘Ieder jaar zowat 2.000 kilometer’, weet Eric. ‘Ik neem de auto om boodschappen te doen, om naar vrienden te gaan, voor een uitstapje af en toe.’ Ook Henri en Joëlle gebruiken hun MG’s vooral voor ontspanning. ‘Voor dagelijkse verplaatsingen gebruik ik de MG veel minder dan vroeger’, vertelt Henri. ‘Ik neem sneller de elektrische fiets, dat is gemakkelijker. We hebben ook een gewone wagen. Die komt zeker van pas, bijvoorbeeld als we de kleinkinderen moeten vervoeren. In onze MG’s is maar plaats voor twee personen. En de kofferruimte is beperkt. Dus als je er boodschappen mee gaat doen, mag je niet te veel kopen.’ (lacht)
Samen onderweg
Als ze hun oldtimers uit de garage halen, gebeurt dat geregeld in groep. ‘We vonden dat we te weinig met de MG’s reden en zijn daarom een kleine tien jaar geleden lid geworden van een club’, vertelt Joëlle. Bij de Belgian MG Owners Club hebben ze het duidelijk naar hun zin. ‘Zes à zeven keer per jaar maken we een rondrit, met afstanden tot 200 kilometer. Langer hoeft dat niet te zijn’, geeft Henri aan. ‘Want rijden met een oldtimer vergt wel wat. Je moet altijd je twee handen op het stuur houden. En om te draaien moet je wel wat armkracht aanspreken. Het geluid is ook niet te onderschatten, al valt dat in ons jongste model nog mee. Toch vind ik het zeer aangenaam om ermee te rijden.’
De clubritten brengen hen door het hele land. ‘Tijdens de ritten met de club hebben we al heel wat moois gezien. We rijden vooral rond in de zuidelijke helft van het land, al is de traditionele afsluiter van het jaar een trip naar de zee’, vertellen ze. ‘De club telt een 100-tal leden, vooral uit Brussel en de brede Rand. Naast de rondritten staan er twee weekendjes en een uitstap naar het buitenland op de kalender. Dat was al verschillende keren Frankrijk of Engeland. Dit jaar was het voor het eerst naar Duitsland, naar het Zwarte Woud. De sfeer in de club is echt opperbest. Je hebt een gedeelde interesse, dat helpt natuurlijk. En als je een technisch probleem hebt, staan de anderen klaar om te helpen. Al zijn de wagens natuurlijk niet ons enige gespreksonderwerp.’
Tekst: Jelle Schepers
Foto: © TDW
Uit: sjoenke september 2026